Blessures bij het volleybal komen veel voor!
Volleybal is een sport waarbij veel blessures voorkomen. Uit de laatste onderzoeken is naar voren gekomen dat in Nederland 190.000 blessures per jaar in het volleybal optreden. Hiervan moeten er 78.500 medisch behandeld worden. Tevens concludeerden de onderzoekers dat per 1.000 uur volleybal gemiddeld 2,4 blessures ontstaan. Voor een persoon die ongeveer vijf uur per week volleybalt, betekent dat ongeveer een blessure per twee jaar.
Uit het blessureregistratieproject van de NeVoBo (1998-1999) kwam naar voren dat 22% van de blessures ontstaat voor aanvang van de competitie, 58% in de eerste competitiehelft en slechts 20% in de tweede helft van de competitie. Dit is opvallend, want het is in tegenspraak met wat men tot nu toe dacht, namelijk dat blessures voornamelijk plaatsvinden aan het einde van het seizoen.
Uit dezelfde registratie kwam naar voren dat het in 22% van de gevallen om een herhalingsblessure gaat. Dit komt omdat volleyballers onvoldoende van de blessure herstellen, maar ook omdat zij onvoldoende beschermingsmaatregelen nemen (zoals intapen en het dragen van een brace).
Als trainer kun je als geen ander invloed uitoefenen op het aantal blessures binnen je team. Er zijn legio mogelijkheden om blessures zo veel mogelijk te voorkomen. Daarnaast kun je spelers steunen in hun herstel en hun terugkeer in het team door doelgerichte oefeningen en tips voor een snellere genezing.
Typische volleybalblessures
De meest voorkomende blessures binnen de volleybalsport zijn:
In de meeste gevallen betreft het verstuikingen of verzwikkingen, zoals bij vingers of enkel. Een ander veel voorkomend letseltype is overbelasting, zoals van schouder of knie. Hieronder beschrijven we de blessures, waarna we onder de button ‘Voorkom blessures' tips geven om blessures te voorkomen. Heeft iemand zich al geblesseerd, dan kun je met oefeningen zorgen voor een verantwoord sneller herstel.
Enkelblessure
De enkelblessure is de meest voorkomende blessure binnen het volleybal. Het zorgt totaal gezien voor het meeste verzuim (in sport, school en arbeid). De meeste enkelblessures ontstaan door fouten tijdens de landing, door het springen op bijvoorbeeld de voet van tegenstander of medespeler. Vaak staan spelers vervolgens ongeveer zes weken buiten spel.
Na een enkelblessure is het belangrijk dat je een jaar lang de enkel beschermt tegen nieuwe blessures. Dit kun je doen door middel van tapen of het dragen van een brace. Om herhaling te voorkomen is het van essentieel belang om stabiliteitsoefeningen te doen. Na een jaar blijkt dat de kans op het ontstaan van een nieuwe enkelblessure weer bijna gelijk is als voorheen.
Vingerblessure
De vingerblessure is een veel voorkomende blessure, die met name ontstaat tijdens het blokkeren van een aanval. Ook gebrekkige techniek bij het spelen van de bal kan een oorzaak zijn. Met deze blessures wordt vaak doorgespeeld, waarbij men de betreffende vinger beschermt door middel van een tapebandage. Bijvoorbeeld door de vinger aan de naast liggende vinger te tapen.
Knieblessure
De knieblessure betreft vaak een overbelastingsletsel van de knieschijfpees. Zeker bij jonge mensen in de groei komt dit vaak voor. Oorzaken hiervoor kunnen zijn harde ondergrond, onvoldoende kracht en stabiliteit, slecht schoeisel. Het is dan van belang de oorzaak te achterhalen, eventueel tijdelijk de belasting te verminderen en tegelijkertijd de belastbaarheid te verbeteren. Deze kan verbeterd worden door het uitvoeren van spierversterkende oefeningen. Spelen met een patellabandje kan de pijn verminderen.
Ook andere letsels aan de knie komen voor, zij het minder vaak. Te denken valt hier aan bandletsel of een meniscusbeschadiging (verzwikking, meniscusscheur of een afgescheurde voorste kruisband).
Schouderblessure
Schouderblessures komen veelvuldig voor, vaak in het begin en aan het einde van het seizoen. Aan het begin van het seizoen denkt iedereen dezelfde kracht en conditie te hebben als aan het einde van het vorige seizoen, bovendien moet met men weer snel in vorm komen voor aanvang van de competitie. De blessures ontstaan dan ook doordat de balans tussen belasting en belastbaarheid in het nadeel van de belastbaarheid komt te liggen.
Voor spoedig herstel geldt hierbij hetzelfde: verbetering van de belastbaarheid door het uitvoeren van oefeningen en tijdelijk vermindering van de belasting.
Rugblessure
Rugblessures treden vaak op bij personen met een verminderde stabiliteit van de romp, dus bij verminderde coördinatie en kracht van rug- en buikspieren. Vaker betreft het hier ‘spit', minder vaak is een hernia de oorzaak. Bij de laatste wordt vaak een uitstralende pijn in het been gevoeld. Door ervoor te zorgen dat de stabiliteit van de romp verbeterd wordt, neemt de kans op rugklachten af.

